Vandaag een sessie lachyoga gehad. Studenten van de filmacademie Arnhem maken een documentaire over lachyoga als onderdeel van hun studie. En zo had Wil Hendriks van www.lachyoga.nl twee uurtjes ingepland op deze Valentijnsdag. Ook leuk voor Marco om het eens mee te maken en voor mij leuk omdat Wil het weer op een heel andere [Klik op de titel]
Vandaag een sessie lachyoga gehad. Studenten van de filmacademie Arnhem maken een documentaire over lachyoga als onderdeel van hun studie. En zo had Wil Hendriks van www.lachyoga.nl twee uurtjes ingepland op deze Valentijnsdag. Ook leuk voor Marco om het eens mee te maken en voor mij leuk omdat Wil het weer op een heel andere manier doet dan Alida, waar mijn zus Monique en ik de cursus gedaan hebben.
Volgende week hebben wij een afspraak met elkaar om te brainstormen of wij hierin kunnen samenwerken.
Ik heb nog wel wat leuke ideeën waar wat meer lachen welkom kan zijn.
Ik heb het idee dat ik er al eens meer over geschreven heb, maar als ik mijn eigen site doorzoek blijkt dat niet zo te zijn. Daarom hieronder wat meer info en vooral ook om te laten zien dat het geen flauwekul is, maar dat het bij kan dragen aan je gezondheid. Nog los van dat je er een stuk beter uitziet als je lacht! Zie je wel eens die oudere mensen die al jaren niet meer gelachen hebben? Alles hangt in depri rimpels naar beneden…zet daar eens een paar humoristische ouderen naast en je ziet het verschil heel duidelijk!
Medisch gezien is het interessant dat het in een aantal Amerikaanse kankerklinieken aangeboden wordt als deel van de behandeling is. Dat is niet voor niets. Lachen brengt zuurstof naar je cellen! En helpt je te relativeren…
Kanker genezen
Nu wil een kankerkliniek in Amerika zelfs lachyoga organiseren voor haar patiënten. “Lachen is misschien niet het beste medicijn maar het helpt wel”, aldus professor Sharon Plank. “Het leidt ook de patiënten af van hun pijn.” Directeur van de kliniek Paul Friday: “Vroeger hadden we hier een speciaal humoristisch videokanaal. Daaruit bleek dat humor helpt te genezen, de patiënten namen toen minder medicijnen. Met deze yogasessies hopen we hetzelfde effect te bereiken.” (ep)
meer info:
http://www.hln.be/hln/nl/33/Fit-Gezond/article/detail/946958/2009/07/28/Lachyoga-is-rage-in-Amerika.dhtml
Een leuk artikel heeft gestaan in Ode, dat helemaal aan de lach gewijd was die maand
http://nl.odemagazine.com/doc/0118/De-helende-werking-van-hilariteit/
De helende werking van hilariteit
Mary Desmond Pinkowish | 118 juli/augustus 2009 issue
Jordan Hollenderi
De docent verzamelt zijn lachyoga-leerlingen uit de hoeken van zijn kleine lesruimte op de tweede verdieping van een gebouw in Manhattan, in het hartje van New York, om zich heen. De meesten kennen hem niet en te oordelen naar de uitdrukking op sommige gezichten weten ze niet precies wat hun te wachten staat. ‘Ha-ha-ha’, begint de lachsensei, op het ritme meeklappend. ‘Ha-ha-ha’, reageren wij, ook klappend. ‘Hi-hi-hi’, vervolgt hij, en gehoorzaam doen wij hem na. Dan beginnen we al klappend door het lokaal te lopen, terwijl we variaties op ha-ha-ha en hi-hi-hi opdreunen. Als je tegenover iemand anders komt te staan, kun je met diegene even een klapspelletje doen.
De incidentele opmerkingen van Sebastien Gendry, onze leraar, leiden me een beetje af als ik de andere leerlingen probeer te peilen. Eén man doet erg hard zijn best en ik vermoed dat hij al eerder zo’n workshop heeft gevolgd. Hij weet hoe het werkt, maar zijn gedrag heeft iets geforceerds. Als hij zou ophouden met lachen, zou hij gaan huilen, lijkt het. Ik wil hem troosten. Terwijl ik hem probeer te doorgronden zonder al te veel te staren, begint juist een oudere vrouw te huilen. Ze heeft zich al snel weer in de hand, maar zegt dat door al dat lachen andere, minder gelukkige emoties loskomen. Emoties? Dat is nu juist het gekke van mijn eerste ervaringen met lachyoga. Ik voel me helemaal niet vrolijk. Moet dat eigenlijk wel? Ontgaat me iets? Of hoeven lachen en vrolijkheid bij lachyoga niet samen te gaan?
Lachyoga berust op het principe dat je los van je gemoedstoestand of humeur kunt – en waarschijnlijk zou moeten – lachen en dat lachen goed is voor je gezondheid. De aanhangers leggen graag uit dat lachyoga niet raar is, maar speels, en dat de deelnemers niet moeten proberen leuk te doen of te kijken. Je hoeft niet eens blij te zijn. Gendry, een Fransman die naar Amerika is verhuisd, schrijft op zijn website, www.laughter-yoga.us: ‘Yoga is een benadering van de lach door lichaam en geest, niet door geest en lichaam. Dat is een belangrijk verschil… Lachyoga nodigt je uit om net te doen alsof, totdat het echt wordt.’
Gendry en anderen die zich met lach-yoga bezighouden, raden juist af om er grappen en grollen in op te nemen, omdat die het alleen maar moeilijker maken om gewoon, domweg te lachen zonder de last van ego, machtsstrijd, conflicten en oordelen. Het verband met andere, bekendere vormen van yoga is dat bij lach-yoga de lach als ademhalingstechniek wordt gebruikt en dat het net als alle vormen van yoga harmonie en balans tot doel heeft. Lachyoga is voortgekomen uit onderzoek naar de gezondheidseffecten van de lach door de Indiase Madan Kataria, een huisarts in Mumbai, die deze techniek samen met zijn echtgenote Madhuri, een yogalerares, in 1995 heeft ontwikkeld.
Uit onzekerheid over mijn eerste ervaringen besloot ik de volgende dag lachyoga uit te proberen op een groep tieners die mijn schrijfcursus volgen. De jongens zijn nog niet helemaal wakker. We beginnen met klappen en ha-ha-ha zeggen. Langzaam ontwaken ze uit hun toestand van lijdzame slaperigheid, wakker geschrokken van de matineuze gekte van hun lerares. Het is leuk – veel leuker dan met onbekenden – en het is waarschijnlijk gezonder dan koffie. Is de bijbelse wijsheid uit Spreuken dan toch waar? ‘Een vrolijk hart bevordert de genezing, maar een verslagen geest doet het gebeente verdorren.’
Salomon – of wie het ook maar was die de Spreuken heeft geschreven – had gelijk. De afgelopen twintig jaar hebben wetenschappers gegevens verzameld over de verdiensten van de lach. De lach haalt de scherpe kantjes van stress en verdriet af; van welgemeend grinniken krijg je meer endorfinen, de ‘blij stemmende’ chemische stoffen in je hersenen. De lach houdt zwartgalligheid op afstand, die slecht kan zijn voor je hart en de kans op een hartaanval kan vergroten. Door de lach daalt de concentratie cortisol, het stresshormoon dat is gerelateerd aan allerlei gezondheidsrisico’s, waaronder vetafzetting in de buikstreek, de gevaarlijkste plaats voor vet. Lachen kan angststoornissen verminderen. De melk van moeders die veel -lachen bevatten meer melatonine, waardoor de kans op eczeem bij baby’s mogelijk afneemt. Lachen kan ook de schadelijke effecten tegengaan van het ontstekingsproces dat in verband wordt gebracht met hartaanvallen, artritis, allergie en andere aandoeningen. De ontwikkeling van door diabetes veroorzaakte nieraandoeningen kan door de lach tot stilstand worden gebracht, en de lach schijnt ook te kunnen leiden tot een betere ademhalingsfunctie bij mensen met chronische longaandoeningen. En het mooiste is dat je met lachen extra veel calorieën verbrandt. (Dit is misschien wel een goed moment om even te ontspannen. Toe maar – neem even de tijd voor een flinke neplach.)
‘Je leven verandert als je je humorquotiënt verbetert’, aldus Steven Sultanoff, hoogleraar psychologie aan de Graduate School of Education and Psychology van Pepperdine University in Malibu, Californië, en een expert op het gebied van de therapeutische waarde van humor. ‘Lachen is een lichamelijke reactie op humor’, stelt hij. ‘De spieren trekken samen, de doorbloeding verbetert, de ademhaling versnelt en de bloedsomloop wordt gestimuleerd.’ Het afwisselende aanspannen en ontspannen van spieren geeft de meeste mensen een prettig gevoel. Eigenlijk is aanspannen en ontspannen een standaardtechniek in veel ontspanningstherapieën – maar dan zonder te lachen. Lachen kan zelfs de pijndrempel verhogen. Sultanoff zegt zelf dat hij op weg naar de tandarts altijd naar bandjes van zijn favoriete stand-upcomedian luistert. Maar is de lach alleen maar een hulpmiddel in moeilijke momenten?
Het beste bewijs voor het gezonde effect van de lach komt uit psychiatrisch onderzoek. In de loop der jaren is steeds duidelijker geworden dat mensen die aan chronische angst, woede en depressiviteit lijden, verscheidene fysiologische aandoeningen hebben. Woede en depressie hangen samen met hart- en vaatziekten, terwijl maag-darmproblemen zouden voortkomen uit onbeheerste angst. De American Heart Association (AHA) waarschuwt patiënten die een hartaanval hebben gehad, dat depressiviteit het herstel kan vertragen en dat de kans op nieuwe hartproblemen er groter door wordt. De AHA raadt cardiologen ook aan psychiatrische hulp in te schakelen voor hartpatiënten die symptomen van depressie vertonen. Wat heeft dat allemaal met lachen te maken? ‘We weten dat in het menselijk lichaam negatieve en positieve emoties niet samengaan’, legt Sultanoff uit. ‘Als je vrolijk bent, ervaar je geen depressie, angst of woede.’ Vrolijkheid remt de negatieve effecten van woede en andere ontwrichtende emoties af.
Gendry, de lachyogaleraar uit Manhattan die als eerste de techniek in de Verenigde Staten introduceerde, hield ons in wezen hetzelfde voor: ‘Je leven verandert er niet door. Van lachyoga word je nog niet constant blij. Ik ben zelf ook niet constant blij. Ik ben ook wel eens bezorgd of somber. Maar lachen helpt me om met stress om te gaan.’ Zijn presentaties van lachyoga voor bedrijven helpen de werknemers met stress om te gaan, hun productiviteit en creativiteit te verhogen en de communicatie en samenwerking te verbeteren, meent Gendry. (Zie: ‘Ken je die van die man die op kantoor komt?’, p. 60.)
In zijn klassieke werk uit de jaren zeventig, Anatomy of an Illness, heeft wijlen Norman Cousins beschreven hoe hij dankzij de Marx Brothers herstelde van een pijnlijke ziekte waar geen goede diagnose voor kon worden gesteld. Hun films bezorgden hem uren van pijnloze slaap en uiteindelijk werd hij weer beter. Een aantal reguliere artsen had kritiek op Cousins, maar op dit moment biedt ongeveer twintig procent van de door het National Cancer Institute opgerichte behandelcentra in de Verenigde Staten lach- of humortherapie aan, niet -omdat kanker erdoor wordt genezen, maar -omdat het de patiënten helpt ermee om te gaan. Maar zouden kankercellen ook gedood kunnen worden door te lachen?
Mary Payne Bennett, directeur van de Western Kentucky University School of Nursing, beschikt over bewijsmateriaal dat die mogelijkheid inderdaad bestaat, althans in de reageerbuis. Samen met collega’s heeft ze experimenten uitgevoerd om de activiteit van natuurlijke killercellen, of NK-cellen, te testen voor en na een zogeheten ‘humorstimulans’ (in lekentermen: iets grappigs), die vrijwilligers kregen te zien. Een van de taken van NK-cellen is het doden van kankercellen. De intensiteit van de reactie op kanker kan worden gemeten door NK-cellen en kankercellen samen in een buis te stoppen en te kijken hoeveel kankercellen er na vier uur dood zijn.
Voor Bennetts onderzoek werd er voor- en nadat vrijwilligers een komische speelfilm hadden bekeken bloed bij hen afgenomen. Bennett merkte dat sommige vrijwilligers hardop moesten lachen, terwijl andere alleen maar geamuseerd keken. De afweercellen van beide groepen werden bij kankercellen geplaatst. Beide groepen meldden een afname van psychische stress, maar alleen de afweercellen van de lachers waren na de komische film actiever tegen de kankercellen. ‘Het staat vast dat door vrolijk lachen de geconstateerde psychische stress afneemt, en dat dit samengaat met een lagere concentratie van het stresshormoon cortisol, wat wijst op een afname van de -fysiologische stress’, legt Bennett uit. ‘Lachen is goed en heeft voor zover we weten geen ernstige bijwerkingen. Het is een oude wijsheid van alle belangrijke geloofssystemen, maar nu is het ook bewezen.’
Het is een cliché dat humorloze, boze mensen eerder een hartaanval krijgen dan blije mensen. Dat is natuurlijk overdreven, want bijna iedereen kent wel een grappenmaker die in een hartaanval is gebleven of een verzuurd persoon die honderd is geworden. Toch hebben Michael Miller, directeur van het Center for Preventive Cardiology van het University of Maryland Medical Center in Baltimore, en zijn collega’s al in 2005 een mogelijk verband tussen humor en de gezondheidstoestand van het hart bestudeerd. Miller onderzocht daartoe driehonderd mensen, van wie er honderdvijftig een hartaanval hadden gehad of in aanmerking kwamen voor een bypass. De anderen waren gezonde mensen van dezelfde leeftijd en hetzelfde geslacht. Alle vrijwilligers moesten een humorenquête invullen met multiplechoicevragen, die aangaven hoe hard de personen in bepaalde situaties moesten lachen, en ja-nee-vragen, die bedoeld waren om woede en vijandigheid te bepalen (zie het kader op p. 57 voor voorbeeldvragen). Het was geen verrassing dat mensen met hartaandoeningen minder goed waren in het herkennen of erkennen van humor in dagelijkse situaties dan gezonde mensen. Ook in positieve situaties maakten mensen met een geschiedenis van hartkwalen eerder melding van woede of vijandigheid.
Miller meent dat mentale stress gerelateerd is aan schade aan het endotheel, de binnenwand van de bloedvaten. Uiteindelijk leidt die schade tot het ontstaan van plaques op het endotheel en tot ontstekingen, met als mogelijk gevolg dat een plaque loslaat bij een hartaanval, waardoor het bloedvat verstopt raakt en er geen bloed en zuurstof meer bij het hartweefsel kunnen komen. Als zo’n verstopping meer dan een paar tellen duurt, wat meestal het geval is, loopt het hartweefsel permanente schade op. ‘Uit ons wetenschappelijk onderzoek bleek een rechtstreeks effect van lachen op het -endotheel, en uit recent onderzoek in Athene bleek dat na een lachbui de elasticiteit van de bloedvaten is verbeterd’, meldt Miller. Het Griekse onderzoek, verricht door Charalambos Vlachopoulos en zijn collega’s van het Academisch centrum en Hippokration Ziekenhuis in Athene en in mei gepubliceerd in het vakblad , Psychosomatic Medicine, bevestigde de schadelijke effecten van stress en de heilzame werking van lachen op de elasticiteit van de bloedvaten bij een groep vrijwilligers die afwisselend naar onaangename en grappige speelfilms had gekeken. In tegenstelling tot gezonde, elastische vaten zorgen vaten met een verharde wand ervoor dat de linkerhartkamer te hard moet werken om het bloed door het vaatstelsel te pompen. Ook gaat de systolische bloeddruk erdoor omhoog, waardoor de kans op een hersen- of hartinfarct groter wordt. ‘Een kwartier of langer lachen per dag is misschien wel een prima therapeutische gewoonte om het hart in goede conditie te houden’, stelt Miller.
Ook ander onderzoek geeft intrigerende aanwijzingen voor de gezonde effecten van lachen. Japanse onderzoekers hebben ontdekt dat lachen diabetespatiënten kan helpen om hun bloedsuikerspiegel stabiel te houden, met name als het gaat om de pieken die meestal na een maaltijd optreden. De wetenschappers van de Stichting ter bevordering van de internationale wetenschap in Ibaraki en het Diabetescentrum van het Tenri Yorozu-sodansho Ziekenhuis in Nara hebben aangetoond dat aan NK-cellen (die mogelijk ook betrokken zijn bij de regulering van de bloedsuikerspiegel) gerelateerde genen in actie kwamen nadat patiënten met type-II-diabetes (de meest voorkomende soort) komische films hadden bekeken, maar niet nadat ze waren gedwongen te luisteren naar een lezing over diabetes. Bovendien was de bloedsuikerspiegel na het eten bij hen na de komische films aanmerkelijk verbeterd. Dit onderzoek bevestigt andere studies waaruit blijkt dat de bloedsuikerspiegel verbetert wanneer NK-cellen worden geïnjecteerd bij muizen die genetisch zijn geprogrammeerd op overgewicht en diabetes.
Ik bel het nummer om mee te doen aan een telefonische lachyogasessie, een dienst die door vrijwilligers wordt aangeboden om mensen die geen echte sessie kunnen bijwonen, in contact te brengen met een lachleider. Het is zaterdagochtend. Ik ben alleen thuis, ongehinderd door kinderen of echtgenoot. Ik zal me er helemaal aan overgeven. Na een paar minuten komt een vrouw, kennelijk de leidster, aan de lijn. Ze begint meteen te lachen. Geen inleiding, geen plichtplegingen: we storten ons er middenin.
Ze begint te grinniken en ik doe haar na. Al gauw zitten we allebei te gieren van het lachen. Ik merk dat ik buikpijn heb. Dat zou kunnen komen van de buikspieroefeningen op de sportschool, maar ik denk van niet. Na een minuut of tien komt er een andere stem bij, die mompelt: ‘Eh, hallo?’ We negeren haar en gaan door met lachen. Al gauw lacht zij ook.
Ik zit aan de telefoon voor mijn computer. Ik besluit om tijdens het telefoontje even online wat bestellingen te doen. Vreemd genoeg heeft het lachen, waar geen vrolijkheid of cognitief inzicht aan te pas komt, me in een staat van verhoogde concentratie, een flow, gebracht. Ik kan niets bestellen. Welke maat? Welke kleur? Ik moet te hard lachen om het te weten en ik sluit het programma af om te voorkomen dat ik iets bestel dat twee maten te groot is of twintig jaar te klein. Als een vroege aanhanger van digitaal winkelen heb ik met succes op internet boodschappen gedaan met een huilende baby op schoot of tijdens telefoongesprekken met klanten, maar kennelijk kan ik niet kopen en lachen tegelijkertijd.
Dan wordt de sessie net zo abrupt afgebroken als die begon. ‘Dank u wel’, zegt de leidster. ‘Nog een prettige dag.’ Klik. Ik voel me lekker, verfrist. Zal het later ook werken voor de middagdip? Ik loop die dag vanwege huishoudelijke rompslomp verscheidene andere sessies mis en dat irriteert me; ik wil het echt nog een keer meemaken.
Volgens conventionele psychologische theorieën vormen uitdrukkingen van woede en droefheid een gezonde reactie op verdriet, en is de uitdrukking van positieve emoties een teken van ontkenning, waardoor het verdriet juist langduriger en heviger wordt. In Born to Be Good: The Science of a Meaningful Life, beschrijft Dacher Keltner, hoogleraar psychologie aan de Universiteit van Californië in Berkeley, een onderzoek dat hij samen met George Bonanno, hoogleraar opvoeding en psychologie aan de Columbia University in New York, heeft uitgevoerd om een antwoord te vinden op de vraag: hoe verwerkt iemand een ingrijpend trauma? Er werden 45 volwassenen ondervraagd, die een half jaar voordien hun man of vrouw hadden zien sterven. Kaltner en Bonanno wilden achterhalen welke emoties bij deze achterblijvers een indicatie vormden voor een gezonde verwerking van verlies. Ze registreerden angst, depressie en langdurige rouw in de maanden en jaren na het verlies.
Kaltner schrijft in zijn boek dat hij en Bonanno ontdekten dat de weduwen en weduwnaars die bij de eerste vraaggesprekken glimlachten en lachten als ze over hun overleden partner spraken, 6, 14 en 25 maanden later minder verdriet voelden. Vooral degenen die de Duchenne-lach vertoonden – het meest authentieke soort lachen, herkenbaar aan de rimpeltjes om de ogen – bij het ophalen van herinneringen aan hun partner, vertoonden minder angst en depressie en stonden beter in het dagelijks leven. Degenen die meer emoties van kwaadheid toonden, bleven daarentegen meer angst en depressie ervaren en hadden moeite de draad van hun leven weer op te pakken. Kaltner en Bonanno wisten financiële problemen, de onverwachtheid van het overlijden en persoonlijkheidsproblemen als oorzaak voor de verschillen tussen de groepen uit te sluiten.
Bij de gesprekken over de overleden partner keken Keltner en Bonanno ook naar verhoogde hartslag, een teken van emotionele opwinding, bij hun rouwende proefpersonen. Zowel de lachers als de niet-lachers hadden een verhoogde hartslag. Bij de niet-lachers ging die verhoging echter gepaard met toegenomen emotionele ontreddering. Bij de lachers was de verhoogde hartslag niet gerelateerd aan emotionele ontreddering, waaruit Kaltner en Bonanno concludeerden dat deze mensen door te lachen even ‘vrijaf’ hadden van hun verdriet, wat hen hielp de emotionele en fysiologische delen van hun verdriet van elkaar te scheiden. ‘Hieruit kunnen we opmaken,’ vertelt Keltner, ‘dat de lach de achterdeur is waardoor je aan de schadelijke stress kunt ontsnappen.’
Het is duidelijk dat er niets simpels is aan lachen: je mag niet leuk doen tijdens een sessie lachyoga, maar lachen om je overleden partner schijnt juist goed voor je te zijn… Is lachen zonder dat er iets grappigs is hetzelfde als lachen naar aanleiding van iets komisch?
‘Lachen valt moeilijk te onderscheiden van de andere twee therapeutische elementen die bij humor horen: vrolijkheid en de cognitieve reactie op vrolijkheid’, aldus Sultanoff van de Pepperdine University en tevens voormalig voorzitter van de Association for Applied and Therapeutic Humor. ‘Humor stimuleert ook tot vrolijkheid, wat de emotionele reactie is op een humoristische stimulans. Wie een mop hoort, krijgt een -vrolijk, opgewekt en plezierig gevoel van binnen. Het is een emotionele ervaring, geen fysieke.’ Je kunt volgens hem lachen zonder blijdschap en blij zijn zonder te lachen. Behalve lachen en vrolijkheid kent humor ook een cognitieve kant, die Sultanoff geestigheid noemt. ‘Je moet misschien niet hardop lachen, maar je snapt het wel met je verstand.’
Hij haalt een grap aan, opgepikt uit een programma van een stand-upcomedian. Hij gaat ongeveer als volgt: ‘Het huwelijk is zwaar. Zo zwaar dat zelfs Nelson Mandela scheiding heeft aangevraagd. Hij heeft 27 jaar van slaag, martelingen en zware arbeid in de bloedhitte in een Zuid-Afrikaanse gevangenis overleefd. Hij komt vrij, is een half jaar bij zijn vrouw en vraagt een scheiding aan. Het huwelijk is zwaar…’
Als je hierom moet lachen – al was het maar als een boer met kiespijn – heb je het cognitieve element van humor gesnapt. De grap zit ’m niet in wat hier letterlijk wordt gezegd, maar in dat wat het verhaal over het huwelijk zegt. Geestigheid is misschien wel een belangrijke bron van de psychische verdiensten van humor. ‘Humor leidt tot geestigheid en door geestigheid kunnen geloofsovertuigingen en denkpatronen verschuiven en mentaliteiten veranderen’, meent Sultanoff.
Onze zoon van twintig, die computerwetenschap studeert, volgt een stage van drie maanden, waarvoor hij nu bijna vijfduizend kilometer van huis is. We missen hem. De week na zijn vertrek zag ik op een ochtend een stripverhaaltje. Op het eerste plaatje maakt een astronaut met een laptop een ruimtewandeling rond de Hubbletelescoop en zegt: ‘Nieuwe software geïnstalleerd. Lukt nog steeds niet om foto’s op de computer te uploaden. Advies graag.’ Op het volgende plaatje zit een jongen thuis achter zijn computer en zegt in zijn mobieltje: ‘Kom op, pa, zo moeilijk is het niet.’ Ik schuif de pagina onder de neus van mijn echtgenoot. We zeggen niets, maar kijken elkaar aan en moeten lachen.
Sultanoff zou zeggen dat mijn perspectief over de situatie van mijn zoon door het lachen is veranderd. Het dringt tot me door dat hij ongelooflijk geluk heeft met de stage die hij heeft gekregen – vooral nu banen schaars zijn. Daarbij houd ik me tevreden voor dat hij veel knapper is dan de jongen in de strip. Ik ben opeens niet meer zo somber als voor het ontbijt; dit is de eerste stap op de weg omhoog!
Het positieve dat je uit de cognitieve aspecten van humor haalt, houdt wellicht verband met het feit dat het plezierig is om geestigheid met anderen te delen, zoals toen ik de strip aan mijn man liet zien. ‘Het is een bijkomend voordeel’, meent Sultanoff. ‘Mijn oorspronkelijke ervaring bij de strip wordt in mijn herinnering opnieuw opgewekt en daarbij komt het plezier in het contact met jou.’ De strip met de astronaut zou nog niet half zo leuk zijn geweest als mijn man er niet was geweest om hem aan te laten zien. Het is niet zo verwonderlijk dat mensen in contactadvertenties een goed gevoel voor humor in de toptien van eigenschappen noemen die ze in een partner zoeken.
Niet iedereen is overtuigd van de verdienste van de lach. ‘Er bestaat bij mijn weten geen wetenschappelijk bewijs voor dat lachen gezond is’, meent biologisch psychiater Ilona Papousek van de Karl-Franzens Universiteit in Graz in Oostenrijk. Papousek kan een zonnige benadering van het leven echter wel aanbevelen. ‘Opgewektheid als stabiel persoonlijkheidskenmerk en een positieve, serene benadering van het leven kunnen goed zijn voor de gezondheid’, meent ze. ‘Uit onderzoek blijkt dat dit gunstig is voor de preventie van hart- en vaatziekten en langere zelfstandigheid in de ouderdom.’ Eigenlijk zegt Papousek dat opgewektheid, sereniteit en een positieve houding hetzelfde beschermende effect hebben als het gaat om hart- en vaatziekten als afvallen, stoppen met roken en meer lichaamsbeweging.
Keltner, van de Universiteit van Californië in Berkeley, kan de schijnbare kloof tussen opgewektheid en lachen misschien dichten met zijn werk over glimlachen. Voor een groot project over het leven van vrouwen heeft hij correlaties gevonden tussen het ontbreken of voorkomen van Duchenne-lachen in het jaarboek van 110 vrouwen die in 1959 en 1960 zijn afgestudeerd aan Mills College in Oakland, Californië, en hun levensloop in de dertig jaar daarna. Vergeleken met vrouwen zonder Duchenne-lach maakten de vrouwen met een hartelijke, uitnodigende glimlach vaker melding van minder bezorgdheid, angst, wanhoop, somberheid en pijn in de hele periode van dertig jaar. Keltner stelt dat glimlachen van invloed is op ‘aan stress gerelateerde cardiovasculaire opwinding’. Verder meent hij dat een hartelijke glimlach vertrouwen en vertrouwelijkheid bij anderen opwekt, wat ook een positief gezondheidskenmerk is.
Sultanoff vertelt het verhaal van een depressieve patiënte die zich vastklampte aan haar depressie, hoewel ze volhield dat ze graag beter wilde worden. Na enkele jaren van therapie begon Sultanoff haar tijdens de sessies voorzichtig te plagen. De patiënte maakte bezwaar en vroeg hem ermee op te houden met de woorden: ‘Als u me aan het lachen maakt, voel ik me niet meer depressief.’ Ondanks haar protesten ging Sulta-noff er een tijdlang mee door en telkens vroeg ze hem ermee op te houden. Maar op een dag kwam ze voor haar wekelijkse sessie zijn spreekkamer binnen en kondigde aan: ‘Dat met die humor werkt echt.’ Ze zei dat ze na hun laatste sessie een film van Woody Allen had gehuurd en zich na het kijken beter dan ooit had gevoeld. De vrouw heeft nog steeds bij vlagen last van depressies, maar onlangs heeft ze tegen Sultanoff gezegd dat alleen haar geloof belangrijker voor haar is dan de humor. Mensen met ernstige angststoornissen ‘zijn vaak eerder bereid humor in hun therapie en hun leven in te zetten, omdat ze niet bang willen zijn en ze direct baat vinden bij humor’, meent Sultanoff.
De voordelen van humor zijn overduidelijk in het Gateway Café, een project van de Universiteit van Rhode Island voor volwassenen met traumatisch hersenletsel. Het Gateway heeft een opendeurbeleid voor mensen met traumatisch hersenletsel, die er worden uitgenodigd om sociale contacten te leggen met mensen in dezelfde situatie. ‘In het algemeen raken mensen met traumatische hersenbeschadiging in het jaar na het ontstaan ervan ongeveer negentig procent van hun vrienden kwijt’, vertelt Dana Kovarsky, die het programma uitvoert met hulp van andere leden van de faculteit en enkele doctoraalstudenten van het Department of Communicative Disorders. De patiënten raken geïsoleerd omdat ze door hun gebreken niet meer kunnen deelnemen aan de dingen die ze vroeger met hun vrienden deden. Het probleem is des te groter doordat ze moeilijk praten.
Kovarsky wil graag achterhalen hoe mensen met traumatische hersenbeschadiging de lach inzetten bij hun pogingen contact te leggen met anderen. Hij ontdekte dat de lach bevorderlijk is voor zowel een positief als een negatief publiek imago, of ‘gezicht’. Zowel je positieve als je negatieve gezicht is van belang, en niet alleen voor mensen met traumatisch hersenletsel. Het positieve gezicht is een maat voor iemands verlangen om door anderen te worden geaccepteerd, en het negatieve gezicht is een maat voor iemands verlangen om op zijn eigen voorwaarden te worden geaccepteerd. ‘Beide typen “gezicht” zijn van belang voor mensen met traumatische hersenbeschadiging’, vertelt Kovarsky. ‘En de lach helpt beide typen gezicht of publiek imago vormen doordat de lach het contact vergemakkelijkt. Mensen met traumatische hersenbeschadiging willen op gelijke voet door anderen worden geaccepteerd en zoveel mogelijk onafhankelijk blijven.’
Hoe dat werkt, wordt bijvoorbeeld duidelijk door de plagerijen op dit soort sessies. De patiënten met traumatisch hersenletsel in Kovarsky’s programma zijn merendeels mannen en veel van de doctoraalstudenten zijn vrouwen. Zoals in alle sociale situaties met mannen en vrouwen wordt er veel over en weer geplaagd. Voor mensen met hersenletsel is de bereidheid om te plagen en geplaagd te worden een teken dat ze net zo willen worden behandeld als ieder ander in die situatie. De grappen, het geflirt en het geplaag leiden tot gelach en gelach ‘stimuleert solidariteit en de vorming van een gezicht’, stelt Kovarsky.
Het is drie uur ’s nachts. Ik ben wakker en lig te piekeren over verschillende dingen, waaronder de deadline voor dit artikel. Ik moet stoppen met tobben en weer gaan slapen. Ik vraag me nog één ding af: is het echt waar dat je stemming verandert als je glimlacht? Ik ga het proberen. Ik houd op met woelen en begin in het donker te glimlachen. Een brede grijns. Ik slaap.





3 reacties
Reactie:Hoi Inge, je bent goed bezig! Bijzonder hoor om zo je site te lezen. Fijne vakantie! Groet Mascha (de Mensendieck, jeweetwel vd beethoven str)
Dag Inge,
je artikel lezend ben je goed ingevoerd. Heb het met interesse gelezen. Vraag me af wat je studie-/werkachtergrond is.
Ik gebruik informatie van je artikel voor een gastles die ik nu maak. Overigens: leuk om te lezen dat lachen niet-wetenschappelijk is tót….
Met vriendelijke groet
jeroen robben
Hallo Jeroen, ik ben verpleegkundige, en leuk dat je informatie voor je lessen gebruikt! met vr gr iNge